up: 1025,8 dagen


 

 
 
 
 
 

 
 

 
 
 
 


"De bomenatlas maakt van de stad een nieuwe stad"
Het lukt me niet de wereld te beschrijven zoals ik wil dat mijn jongens haar zien. Er zitten gaten in mijn vocabulaire. Woorden die ik eerder niet nodig had maar nu cruciaal blijken. Namen van bomen en vogels. Kennis van de blaadjes, veren, noten, bessen die mijn kinderen vragend omhoog houden.

Ik wijs ze al een jaar op steeds dezelfde zomereik, de enige boom op ons plein waar ik de naam van weet. Hoe meer ze beginnen te praten en vragen, hoe meer het besef doordringt dat ik de taal niet spreek die ik hun wil leren. Ik weet niet welke vogels we horen als we 's ochtends de deur uitgaan of wat die kleine witte bloemetjes zijn die groeien in de centimeter aarde tussen de stoeprand en de straat.

Maar de dingen die hen verwonderen mogen niet ongenoemd blijven. Naamloze dingen zijn onbelangrijk, zijn dingen die we niet hoeven kennen. Ik wil dat de bloemen, de bomen en bessen onderdeel zijn van hun bestaan, ik wil ze leren dat een veer of een kastanje de moeite van het noemen waard is en dat natuur meer is dan de platgereden stukken van een bloederige duif.

Op zoek naar de namen van de kleine dunne boompjes in de speeltuin vond ik deze week de online bomenatlas van Amsterdam. Vierhonderdduizend exemplaren stuk voor stuk in kaart gebracht.

Waar ik al jaren niks dan stammen en bladeren zie, openbaart zich nu een stad vol iepen, essen, elzen en wilgen. Op ons plein staan zoete kersen en zwarte berken, de boom waar ons huis op uitkijkt blijkt een hazelaar. Het is verslavend, die atlas. Ik zoom in op de straten waar ik woonde, op de bomen waar ik al een half leven langs-loop en mijn fiets tegenaan zet; allemaal hebben ze een naam, een leeftijd, specifieke eigenschappen. De reus waar we soms onder schuilen op weg naar de crèche is een paardenkastanje uit 1890 en aan de andere kant van de brug staan honderd jaar oude platanen.

De bomenatlas maakt van de stad een nieuwe stad, of eigenlijk een oude stad, waar eeuwelingen zwijgend op de stoepen staan. En het is dankzij hun aanwezigheid, hun groen, hun geritsel en schaduw, dat ik mijn kinderen toevertrouw aan deze stad. Dat besef komt gek genoeg pas met het lezen van hun namen. Goudberk. Valse acacia. Beverboom. Zweedse Meelbes. De taal die ik zocht.

Nu de bloemen nog, de bessen en de vogels.
Trouw Opinie, Marjolijn van Heemstra (https://www.trouw.nl/)    12-11-2017


Ode aan oude Achterhoekse kastanje met expositie op internet
Een oude kastanjeboom op een Achterhoeks erf vormt het middelpunt van een verrassende foto-expositie. Niet in een cultuurgebouw, maar wereldwijd te bewonderen op internet, via YouTube. Zo toont streekkenner Arend J. Heideman van alle kanten een ruim honderd jaar oude witte paardenkastanje bij boerderij Stokkink in Gelselaar, waar hij woont. Landelijk trok hij zes jaar geleden op dezelfde wijze al veel aandacht met een expositie over de boerenzwaluw op Stokkink.

Oud-dagbladjournalist Heideman, die boeken is gaan schrijven en veel activiteiten ontwikkelt op cultuurhistorisch gebied, maakt al jaren foto's van de oude kastanje, die rond 1912 is geplant door de opa naar wie hij is genoemd. Een helder doel voor dit fotowerk had hij niet. De in Rotterdam geboren dichter Aad Eerland inspireerde hem met een gedicht over de kastanje en de zwaluwen op Stokkink er alsnog een expositie aan te wijden. Deze schildert veelzijdig een juweeltje in het Achterhoekse landschap, in alle seizoenen, op alle uren van de dag.

In zekere zin is Heidemans ode aan de kastanje een vrucht van zijn studie naar het werk van de Achterhoekse schrijver meester Hendrik Willem Heuvel (1864 -1926), wiens bekende werk Oud-Achterhoeksch Boerenleven tot in deze eeuw is herdrukt. Als lid van de studiegroep H.W. Heuvel kwam hij in contact met de dichter Aad Eerland, die theologie en filosofie studeerde en die zich beschouwt als een zielsverwant van de zeer poëtisch ingestelde Heuvel. Op deze wijze ontmoetten zij elkaar anderhalf jaar geleden.

Bij een bezoek daarna aan Stokkink raakte dichter Eerland diep onder de indruk van de kastanjeboom. Dit mondde uit in het gedicht 'Voorjaar op boerderij Stokkink', dat hij en Heideman op 25 november als cadeau uitreiken bij de presentatie van een nieuw boek over Heuvel, waar zij beiden aan meewerkten. Toen Heideman bij het gedicht de foto's verzamelde, kwam hij tot de conclusie dat het de moeite waard is een selectie te tonen die voor velen gratis toegankelijk is. Op YouTube is een filmpje te zien met zijn mooiste foto's van de boom. Het begint met een toelichting, inclusief het gedicht van Eerland.





Achterhoek Nieuws Berkelland (https://www.achterhoeknieuwsborculoruurlo.nl)    7-11-2017


Nieuwe exotische bedreigingen voor verschillende boomsoorten
Door de toegenomen mobiliteit, internationale handel en het klimaatopwarming liggen nieuwe exotische bedreigingen voor verschillende boomsoorten op de loer. In België houden onderzoekers van het Proefcentrum voor Sierteelt, het Waalse onderzoekscentrum voor agronomie en de Universiteit van Brussel binnen het project 'Funginfor' de opkomst van een achttal schimmelziekten nauwlettend in de gaten.

De onderzoekers volgen in het project schimmels die schade kunnen aanrichten aan de populier, den, walnoot, plataan en tamme kastanje. Het gaat om de schimmels Ceratocystis platani op plataan, Lecanosticta acicola, Heterobasidion irregulare, Dothistroma septosporum en D. pini op dennen, Melampsora medusae op populier, Geosmithia morbida en de vector Pityophthorus juglandis op walnoot en Cryphonectria parasitica op tamme kastanje.

Cryphonectria parasitica is een Aziatische schimmel die in de Verenigde Staten gezorgd heeft voor enorme sterfte onder de Amerikaanse tamme kastanje. Ook de Europese tamme kastanje wordt bedreigd door deze schimmel. De schimmel, die in 2014 voor het eerst in België werd gevonden, komt in sommige delen van Europese voor.

Ceratocystis platani tast platanen aan. De gewone plataan is het meest vatbaar voor deze schimmel. Na infectie sterft de boom binnen enkele jaren. De ziekte, die inheems is in de Verenigde Staten, werd tijdens de Tweede Wereldoorlog in Europa geïntroduceerd. De schimmel veroorzaakt veel schade in Italië en het zuiden van Frankrijk, maar is in België nog niet gevonden.
GroeneRuimte Nieuws (https://www.groeneruimte.nl/)    2-11-2017


Eerste bomen op aarde groeiden dankzij honderden mini-boompjes in hun lijf
Dat hebben onderzoekers ontdekt nadat ze zich over de gefossiliseerde resten van een boom bogen die zo’n 374 miljoen jaar geleden in het noordwesten van het moderne China stond. De stam van deze boom blijkt ontzettend complex en verraadt dat deze boom – één van de eerste bomen op aarde – op een wel heel bijzondere manier groeide.

In bomen bevindt zich weefsel bestaande uit vaten (ook wel xyleem genoemd) dat water van de wortels naar de takken en bladeren transporteert. In de meeste bomen vormt het xyleem een cilinder waar elk jaar – onder de schors – een laagje omheen gevormd wordt (waardoor de bekende jaarringen ontstaan).

Maar in de eerste bomen ging dat allemaal heel anders, zo hebben onderzoekers van de universiteit van Cardiff nu dus ontdekt. Bij deze bomen zat het xyleem enkel in de buitenste vijf centimeter van de stam, terwijl het hart van die stam hol was. De verschillende vaten waaruit het xyleem bestond, waren onderling met elkaar verbonden en vormden dus een compleet en tamelijk ingewikkeld netwerk van vaten. En in tegenstelling tot moderne bomen legden deze bomen niet elk jaar een nieuwe jaarring net onder hun schors. In plaats daarvan ontstond rond elk van de honderden vaten een jaarring. In feite hebben we hier dus een boom met daarin honderden mini-boompjes.

En naarmate die vaten uitdijden en het volume van de zachte weefsels rond de vaten toenam, nam ook de totale diameter van de boomstam toe. Maar tegelijkertijd ging door de groei van honderden mini-boompjes binnen de stam wel het netwerk van vaten kapot. Terwijl de boom groeide, moest deze dat netwerk dan ook continu repareren. En dat niet alleen: doordat het gewicht van de boom door de groeiende mini-boompjes onder de bast rap toenam, werd het weefsel aan de onderzijde van de stam naar buiten gedwongen. “Er is voor zover ik weet in de geschiedenis van de aarde geen andere boom die zoiets ingewikkelds heeft gedaan als deze boom,” stelt onderzoeker Chris Berry. “De boom scheurde zijn (xyleem-, red.)skelet uiteen en stortte tegelijkertijd onder zijn eigen gewicht in, terwijl hij in leven bleef, in de lengte en breedte groeide en de dominante plantensoort van die tijd werd.”

Het onderzoek roept verschillende vragen op. Bijvoorbeeld: waarom zijn de oudste bomen op aarde ook het ingewikkeldst? Dat is nog niet duidelijk. Ook wil Berry graag nog vaststellen hoeveel koolstof deze bomen uit de lucht haalden en of de bomen zo een stempel konden drukken op het aardse klimaat.
Scientias (https://www.scientias.nl/)    24-10-2017


2017 is topjaar voor de eikel
Alles lijkt erop dat 2017 een jaar wordt, waarin de bomen extra eikeltjes en beukennootjes laten vallen. En dat terwijl de omstandigheden verre van perfect waren.

Lammert Kragt stapt de Flevolandse blubber in. De boomexpert is ’teamleider beheer en productie’ bij Staatsbosbeheer en onderzoekt hier de zaden en vruchten van vele boomsoorten. „Het was een uitstekend eikeljaar”, vertelt Kragt enthousiast. „Maar aan het weer heeft dat niet gelegen. Het is nog wel te vroeg om te zeggen of we een mastjaar hebben dit jaar.”

Zo’n mastjaar is een jaar dat eens in de zoveel tijd voor komt. Wanneer dat is, daar is eigenlijk geen peil op te trekken. Soms tien jaar niet, en soms twee jaar achter elkaar.

Tijdens een mastjaar kunnen eikenbomen 600 tot 1200 kilo eikels per hectare (100 bij 100 meter) laten vallen, zo blijkt uit Duits onderzoek. Dat kan oplopen tot vijftig kilo eikels per boom van honderdtwintig jaar oud. Normaal is dat zo’n tien tot dertig procent van die hoeveelheid: een kilo of tweehonderd per hectare.

„Eigenlijk gingen we er vanuit dat zo’n mastjaar een gevolg was van perfecte weersomstandigheden”, vertelt expert Kragt. „Maar dat is het dit jaar allesbehalve geweest: strenge en lange nachtvorst in het voorjaar, een bij vlagen koude en donkere zomer en een warme nazomer. Daarom is het vreemd dat dit zo’n goed eikeljaar is.”

De zaden- en vruchtenexpert doet onderzoek naar hoe dat kan. „Een aantal jaar geleden was het zelfs nog meer. Onze Duitse collega’s maken onderscheid tussen ’volmast’ en ’halfmast’. Het zou kunnen dat we nu te maken hebben met een halfmast.” Dat zou neerkomen op 300 tot 600 kilo eikels per hectare.

Ook meerdere boomkwekerijen in het land merken dat er dit jaar iets bijzonders aan de hand is met eikenbomen. Eén van de broers Van den Berk van Van den Berk Boomkwekerijen kan ’inderdaad hetzelfde constateren’: „Het is een fantastisch jaar voor de eikels”, zegt hij lachend. „Dat is natuurlijk best grappig, maar het gekke is dat we dat eens in de zoveel jaar zien, zonder dat daar direct een aanleiding voor is. Want inderdaad: het weer was voor de bomen niet echt ideaal.”

Het seizoen dat volgt op een mastjaar is voor jagers een populaire periode. Door het overvloed aan voedsel in het bos (wilde zwijnen zijn dol op eikels) neemt na een mastjaar altijd de wildpopulatie toe.

Ook eekhoorntjes lusten wel pap van de eikels, en dat is volgens Imke Boerma van Staatsbosbeheer essentieel voor het voortbestaan van de boom: „De eikel valt niet ver van de eik. Eikels die in de schaduw van de boom liggen, doen het echter slecht. Ze zijn afhankelijk van eekhoorns en vogels die het eikeltje meenemen, het verstoppen en vervolgens vergeten. Als de omstandigheden dan goed zijn, groeit er zo een nieuwe boom...”
De Telegraaf (https://www.telegraaf.nl)     22-10-2017


Deze linde in Namen is de boom van het jaar in Belgie
De titel van Belgische boom van het jaar 2017 werd toegekend aan Le Tilleul du Vî Pays in Bioul, in de Naamse gemeente Anhée. De lindeboom haalde 1.701 stemmen en zal ons land nu vertegenwoordigen op de Europese verkiezing van boom van het jaar. Dat meldt de Fondation Wallonne pour la Conservation des Habitats donderdag, die de Waalse editie dit jaar organiseerde.

Le Tilleul du Vî is de grootste lindeboom met kleine bladen van het land, stelt de stichting. Hij doorstond eeuwen van klimatologische en historische gebeurtenissen, en weet volgens de stichting tot op vandaag de lokale bevolking te boeien.

De boom haalde het van de Le Gros tilleul de Braffe (provincie Henegouwen - 621 stemmen), Le Monument vivant (Brussels Hoofdstedelijk Gewest - 576 stemmen), Le Béni Hesse (provincie Luxemburg - 334 stemmen), L’arbre Rucher (provincie Waals-Brabant - 307 stemmen) en Le Chêne des Macrâles (provincie Luik - 288 stemmen).

Voor de Belgische Boom van het Jaar komen afwisselend bomen uit Vlaanderen en Brussel of uit Wallonië en Brussel aan de beurt. Aan de wedstrijd hangt dit jaar een geldprijs van 2.500 euro vast.

De wedstrijd is gebaseerd op de Europese Boom van het Jaar-wedstrijd, die in 2002 voor het eerst georganiseerd werd in de Tsjechische Republiek met 15 deelnemende landen. De bedoeling is om de kennis en interesse voor bijzondere bomen te promoten.
Het Nieuwsblad (http://www.nieuwsblad.be/)    18-10-2017


Het gevaar van de esdoorn: 130 paarden gedood in vier jaar
In de afgelopen vier jaar zijn in ons land 130 paarden gestorven nadat ze vergiftigd werden door esdoorns.

Een gif dat voorkomt in de zaden en zaai­lingen van de bomen, kan bij paarden een dodelijke spierziekte veroorzaken. Vooral in het najaar, wanneer de bladeren en de zaden van de bomen vallen, en in het voorjaar, wanneer de zaailingen naar boven komen, ­lopen de dieren risico op vergiftiging.

In heel Europa stierven in de periode van 2013 tot 2017 bijna 1.000 paarden door esdoorn­vergiftiging. Dat blijkt uit cijfers van de universiteit van Luik. PaardenPunt Vlaanderen, de koepelorganisatie van de sector, waarschuwt paardenhouders omdat oktober de dodelijkste periode is voor de dieren.
Het Nieuwsblad (http://www.nieuwsblad.be/)    8-10-2017


Sinds 2013 verdwijnt er jaarlijks per saldo 1350 hectare bos in Nederland
Het aantal hectare bos in Nederland neemt sinds enkele jaren sterk af, en dat is grotendeels te wijten aan boeren die bomen op hun land kappen. Dat doen ze niet zomaar; de subsidieregelingen lopen al sinds 2013 af.

Het moet even wennen zijn geweest voor de Groningse boerin Hilde Huizenga (60). 25 jaar lang keek ze door de vensters van de familieboerderij in Het Zandt uit op eindeloze stammen populieren. Haar vader liet de bomen in 1989 planten op de akkers aan de noord- en zuidkant van de boerderij. In ruil kreeg hij een jaarlijkse subsidie van ongeveer 1800 gulden per hectare. 'Hij had reuma en kon de grond niet meer verbouwen, maar wilde de 45 hectare niet verkopen.'

In 2014 besloten Huizenga en haar broer de bomen te laten kappen, omdat de subsidieperiode afliep. Deze zomer oogstte ze gerst op het perceel, volgend jaar zal ze er aardappelen rooien. Zonder slag of stoot verliep de bomenkap niet. 'In 1989 waren de boeren juist tegen de bomenplant, omdat ze bang waren dat het bos wilde dieren en onkruid aan zou trekken. Toen we het bos wilden kappen, klaagden omwonenden omdat ze een huis hadden gekocht 'in een bosrijke omgeving'.'

Er zijn meer boeren als Huizenga die hun boomrijke uitzicht eigenhandig hebben gesloopt. Het aantal hectare bos in Nederland neemt sinds enkele jaren af en boeren die bomen op hun land kappen dragen daar flink aan bij, blijkt uit onderzoek van de Wageningen Universiteit. Sinds 2013 verdwijnt er jaarlijks per saldo 1350 hectare bos in Nederland, omdat er minder bomen geplant dan omgezaagd worden. Die ontbossing is van recente datum: tussen 1990 en 2013 kwam er elk jaar juist bomen bij in Nederland. Nederland heeft nu nog bijna 365 duizend hectare bosareaal.

Een belangrijke oorzaak voor de ontbossing is het aflopen van subsidieregelingen voor boeren die bomen planten, zoals de regeling waar Huizenga's vader gebruik van maakte. Boeren in voornamelijk Drenthe en Groningen kregen eind jaren 80 geld van de overheid om een paar decennia lang bomen op hun land te laten groeien. Productiebos, noemde de overheid dat. Doel was de overproductie in de landbouw te verminderen door weide- en akkergrond in bos te veranderen. Dat beleid werd ingezet in de tijd van de boterberg. Ook wilde de overheid ermee vooruit lopen op een verwacht houttekort in de toekomst. Vanaf circa 2013 liepen deze subsidieregelingen af en zetten boeren de bijl aan de wortels van hun bomen.

Een tweede reden voor de afname van het Nederlandse bosoppervlak is de keuze van natuurbeheerders om bosgebied een andere natuurbestemming te geven. Zandverstuivingen en heidecorridors krijgen de ruimte, houthakkers zagen bomen om die het zand- en heidegebied binnendringen. Dat heide de voorkeur krijgt boven bos is een politieke keuze. 'Heide wordt op Europees niveau gezien als meer waardevolle natuur dan bos, vanwege de hogere biodiversiteit', zegt onderzoeker Eric Arets van de Wageningen Universiteit.

Boeren en natuurbeheerders die om bovengenoemde redenen bomen kappen zijn niet verplicht nieuwe bomen te planten ter compensatie. Als bomen moeten plaatsmaken voor bouwprojecten zijn zulke compensatiebomen wel verplicht.

Het verlies aan bosareaal betekent niet alleen een verschraling van het landschap in landbouwgebieden, maar maakt ook de Nederlandse klimaatdoelstellingen minder haalbaar, zegt Arets. 'In de tweede helft van deze eeuw wil Nederland per saldo geen koolstofdioxide (CO2) meer uitstoten. Bos kappen staat haaks op deze doelstelling, dat maakt het CO2-probleem juist groter.'

Staatsbosbeheer beaamt dat. 'Bomen halen CO2 uit de lucht, ze slaan het koolstof op in hun hout. Die koolstof komt pas vrij als dat hout verbrand wordt', zegt woordvoerder Imke Boerma. Misschien is het voor de Nederlandse natuurwaarden goed als bos wordt vervangen door andere landschapstypen, maar dat neemt niet weg dat instanties dan elders meer bomen moeten aanplanten, zegt hij. Vorig jaar presenteerde Staatsbosbeheer namens de bos- en houtsector een plan om 100 duizend hectare bos extra te planten. 30 duizend van die hectaren moeten volgens het plan 'tijdelijk bos' zijn, gelegen op braakliggende bouwgrond en industrieterreinen - een soort productiebos dus.

Maar wacht eens: Staatsbosbeheer heeft de laatste jaren toch zelf de bomenkap in zijn natuurgebieden opgeschroefd? Draagt de organisatie zelf niet bij aan de teruggang in bosareaal? 'Wij hebben jarenlang minder bomen geoogst dan de bossen aankonden en maken nu een inhaalslag. Maar we verjongen het bos alleen, dat kost geen hectaren. Het bos blijft bos', zegt Boerma.

Meer bomen planten is een goed idee, vindt ook boerin Huizenga in Het Zandt. Voor haar kwam het besluit de bomen te kappen voort uit heel andere logica. Dat ze haar bomen offerde voor akkerland was vooral een financiële keuze. 'Sommige boeren hebben hun bospercelen laten staan. Het land krijgt dan op gegeven moment juridisch gezien een bosbestemming, in plaats van een bestemming als agrarisch land. Daardoor wordt de grond veel minder waard.'

Of ze de populieren voor haar raam weleens mist? '25 jaar is best lang. Je ziet de bomen opgroeien en hebt angst als het stormt. Maar nu het uitzicht plat is, is het ook prachtig.'

De Volkskrant (https://www.volkskrant.nl)    4-10-2017


'Mooiste boom van Overijssel' staat in Fleringen
De Kroezeboom op de Fleringer Es in Fleringen is volgens de Bomenstichting de mooiste boom van Overijssel. De stichting heeft een lijst gemaakt op basis van onder andere schoonheid, omvang, soort en een bijzonder verhaal.

De Kroezeboom is in de zestiende eeuw geplant en is één van de oudste eikenbomen van Nederland. De boom is vermoedelijk geplant als markeringspunt van waaruit akkers werden verdeeld.

De Bomenstichting heeft in de ‘Bomen van de Ereklasse’ de oudste, mooiste en meest bijzondere bomen van Nederland een plaats gegeven. De Bomenstichting vraagt op deze manier aandacht voor de plaats van bomen in de natuur en cultuur.

De Kroezeboom wordt gevolgd door de Bakspiekereik in Lattrop, die tussen 1810 en 1820 werd geplant. De boom komt door het dak van een bakhuis en kent een bijzonder verhaal. Het schuurtje voor varkens mocht van de barones alleen om de boom heen gebouwd worden. Omdat de boom jaarlijks drie centimeter dikker wordt, schuiven de pannen mee.

Op de derde plek staat de es in Dwarsgracht, geplant in 1820. Het is de oudste en dikste es van de provincie. Door de wortelgroei is er rondom de boom een bult ontstaan.

Top 10 van Overijssel

1. De Kroezeboom op de Fleringer Es in Fleringen (1500 - 1600)
2. Bakspiekereik in Lattrop (1810 - 1820)
3. Es in Dwarsgracht (1820)
4. Mammoetboom in het Ledeboerpark in Enschede (1880)
5. De reus van de Worp / esdoorn in Steenenkamer (1822 / 1880-1890)
6. Apostelenbeuk in Lutten (1902)
7. Plataan Potgieterssingel in Zwolle (1800)
8. Kozakkeneik in Delden (1600 - 1650)
9. Oosterse plataan in het Kalheupinkpark in Oldenzaal (1840 - 1850)
10. De Kozakkenlinde van Diepenveen (1620)

RTV Oost (http://www.rtvoost.nl/)    2-10-2017


Als een boom valt, wie is dan aansprakelijk?
Een eik in je tuin of een mooie grote kastanjeboom: het ziet er vaak heel mooi uit, maar wat als zo'n boom een grote tak verliest of zelfs helemaal omvalt en daarbij gewonden vallen? Wie is dan aansprakelijk?

Het gebeurde zaterdag in Haarle (red: 23 september jl.) waar een achtjarig meisje zwaargewond raakte toen een boom omviel. De auto waarin ze zat werd geraakt door een tak die dwars door de voorruit van de auto ging. Het kind is in kritieke toestand naar het ziekenhuis gebracht.

De boom die viel, staat op particuliere grond. Toch is het niet vanzelfsprekend dat de eigenaar van die grond ook aansprakelijk is voor de geleden schade, zegt advocaat Jilles van Zinderen, gespecialiseerd in bomenrecht. "Iedere eigenaar is verantwoordelijk voor het onderhouden en laten controleren van zijn boom. Op het moment dat een boom schade veroorzaakt zonder dat er sprake is van goede controle of onderhoud, dan is de eigenaar aansprakelijk", aldus de advocaat.

"Veel particulieren zijn daar niet van op de hoogte. Bij gemeenten zit het vaak wel goed." Zo'n controle is helemaal niet ingewikkeld. aldus Van Zinderen. "Een visuele controle is voldoende, gewoon een keer rond de boom lopen en kijken naar scheuren en paddestoelen, dat soort zaken."

Volgens de advocaat is het voor een eigenaar ook goed om te weten dat de boom gecontroleerd is en voldoende onderhouden, bijvoorbeeld door te snoeien. "Als er dan iets mis gaat, kan de eigenaar van de boom ook aantonen dat hij al het mogelijke heeft gedaan om er voor te zorgen dat de boom in goede conditie verkeert. Dat kost niet eens zo veel."

Het wil dus niet zeggen dat iedere boom van een particulier die schade veroorzaakt ook betekent dat de eigenaar aansprakelijk is. "Het uitgangspunt is dan dat het slachtoffer pech heeft gehad. Dat is dan heel zuur. Want elke boom blijft gevaarlijk." Daar doet een goede controle en goed onderhoud niets aan af.

Van Zinderen kan zich nog een ongeluk herinneren van een paar jaar geleden in Gelderland. "Daar raakte ook iemand zwaargewond door een vallende tak, maar was de eigenaar uiteindelijk ook niet aansprakelijk. Dat is uitgevochten tot aan de Hoge Raad."

Schade veroorzaakt door vallende takken of vallende bomen wordt vaak niet verhaald op de eigenaren, weet Van Zinderen: "In Nederland moet je zelf aantonen dat een bomeneigenaar niet aan zijn zorgplicht heeft voldaan." Of dat in Haarle ook het geval zo is, kan advocaat van Zinderen moeilijk inschatten: "Al is het natuurlijk wel een teken dat de brandweer ook andere bomen op het perceel uit voorzorg gekapt heeft."
RTV Oost (http://www.rtvoost.nl)    27-9-2017